Het kan nog gekker

In de nacht van 3 op 4 juni 2005 reed ik omstreeks 1.10 uur van Leiden, langs de Haarlemmertrekvaart, naar Noordwijk.Wat mij al direct op de snelweg nabij Oegstgeest opviel, was dat bij iedere afslag manschappen van de besneden politie geposteerd waren, die in de stromende regen op hun motorfietsen gezeten met een wezenloze blik de duisternis inblikten, allen met hun aangezicht in de zelfde richting, hetgeen bij mij associaties opriep van in de wei staand vee, dat bij hevige regenval en wind hetzelfde gedrag te zien geeft.Even voorbij het punt, waarbij de smalle weg zich splitst in de richting Voorhout en Noordwijk werd door mij en mijn echtgenote een dergelijke figuur waargenomen, die blijkbaar in coma geraakt, bewegingloos, op zijn stoomfiets gezeten, tegen een flitspaal aanleunde.
Als gevolg van het slechte zicht en het feit dat ik ter plaatse de weg minder goed kende reed ik hier met een snelheid van nog geen 50 km. Bij het naderen van genoemde flitspaal, waarvoor ik middels de in mijn auto gemonteerde Quintezz Radar Alert, was gewaarschuwd, doorkliefde een lichtstraal de intense duisternis.

Om genoemde reden verkeerde ik daarom in de veronderstelling , dat de brave borst door het hemelse vuur was getroffen en hij, terwijl wij onze weg in de richting Noordwijk vervolgden, zich onderwijl bij de Allerhoogste verantwoordde omtrent het niet behalen van de door onze overheid in het prestatiecontract vastgelegde targets.
Dat desalniettemin de waargenomen lichtflits van de flitspaal afkomstig was, werd mij eerst duidelijk toen de postbode een beschikking van het Centraal Justitieel Incasso Bureau in mijn brievenbus deponeerde, waaruit eerst bleek voor welk delict ik werd aangesproken.
Gezien de hierboven geschetste omstandigheden heb ik de officier van justitie een briefje gestuurd en gevraagd om toezending van de gemaakte foto-opname, en het ijkingsrapport van het betreffende werktuig.
Binnen enkele dagen werd mij de gevraagde opname toegestuurd, zijnde een gitzwart vlak, waarop rechts het kentekennummer van de auto zichtbaar was. De toezending van het ijkingrapport werd mij blijkens het begeleidende briefje geweigerd, omdat de Hoge Raad der Nederlanden dit niet nodig oordeelde.
De verbazing over de inhoud van dit briefje betrof niet zo zeer het feit dat genoemd college er op voorhand van uit ging dat zij zonder meer te vertrouwen is, doch de mededeling dat men mijn vraag had opgevat als zijnde een beroep bij de officier van justitie, gelet op de bijgevoegde mededeling dat mijn beroep was afgewezen.

Per kerende post heb ik de wakkere ambtenaar, zijnde de officier van justitie, bericht dat ik met mijn verzoek om toezending van de gevraagde paperassen geenszins beoogd had een beroep bij hem aan te tekenen.
Wetende dat aan de beslissingen van het justitiële apparaat, waarbij ondanks het kwaliteitsniveau van de betreffende functionaris een nog hoger onfeilbaarheid wordt toegekend dan bij de Rooms Katholieke Kerk aan de uitspraken van de Paus, indien deze een beslissende uitspraak doet inzake geloofs- of zedenleer, teken ik hierbij aan, dat niemand het mij kan euvel duiden dat ik aan het intellect en de betrouwbaarheid van Zijne Heiligheid een hogere waarde toeken dan aan die van de betreffende ambtenaar. Vervolgens heb ik, laatstgenoemde bericht dat ik ter voorkoming van verdere represaillemaatregelen de mij afgewongen zekerheidstelling ad. 30 Euro zou overmaken waarbij ik de mededeling heb toegevoegd dat ik persoonlijk naar de terechtzitting zou afreizen, teneinde met eigen ogen te kunnen beschouwen wat voor onbenul achter de aanklager schuilging.
Hierop stuurde hij mij nog een bericht, waaruit bleek dat mijn beroep bij de kantonrechter was afgewezen…

Reageer